DE MIDDELEEUWEN, VEEL DICHTERBIJ DAN JE DACHT…
(Impressie van Middeleeuws Ter Apel anno 2016)

De interesse naar levende historie groeit. Dat geldt zowel voor Nederland als voor de ons omringende landen: België, Frankrijk, Duitsland, Engeland. Daar waar we op school met fantasie de geschiedenis lessen volgden en ons voorstelden hoe dat dan geweest zou zijn, is het nu mogelijk om het te beleven.
Denk je eens in, zomaar een weekend, of een dag naar de middeleeuwen…

Dankzij het groeiende aantal re-enactors, mensen die het als passie hebben om een bepaalde periode uit bijvoorbeeld de middeleeuwen tot in detail na te spelen, komen deze oude tijden tot leven. Soms is dit met een knipoog, maar soms, zoals in Ter Apel, wordt zoveel mogelijk aangepakt om iedereen een zo authentiek mogelijke beleving te geven. Je reist terug in de tijd.

Het is het klakken van rustig stappende paardenhoeven dat mijn aandacht vraagt, wanneer ik uit mijn net geparkeerde auto stap. Nog stijf van de rit door het beboste landschap kijk ik om mij heen en zie een kleine stoet van adellijke lieden. In vol ornaat rijden ze vlak aan mij voorbij: twee jonkheren met hun jonkvrouwen en wat voetvolk. Hun doel is de toegangspoort van het landgoed: Klooster Ter Apel en vol bewondering volg ik…

“Klang, klang”, klinken de heldere slagen van de hamer op het aambeeld. De smid slaat op het gloeiend metaal. De vonken spatten er vanaf. Opnieuw gaat het metaal, dat een lang mes gaat worden, in het vuur. Roodgloeiend komt het eruit en wordt opnieuw beslagen. De dikke rook walmt langs mijn gezicht. Ik hoest. Een landsvrouw, met een grote mand passeert me en roept me toe boven de wind te gaan. “Dan heb je er minder last van”. Ze loopt door, met een kleintje aan de hand. Een lang, ruwgeweven bruin middeleeuws gewaad met aangeveterde mouwen en schort, kapje op haar hoofd, zwiert voorbij. Het kleine meisje in haar kieltje kijkt om en lacht naar mij. Trots houdt ze haar lappenpop tegen zich aan.

De geuren van de jaarmarkt walmen mij tegemoet. Er is van alles te koop. Dat moet ook wel, want dit is dé plek waar je alles kunt halen wat je zelf niet kunt maken en… alles kunt verkopen, waar jij zelf hard aan gewerkt hebt. Aardewerk, messen en zwaarden, helmen en harnassen, sieraden, leerwaren, kleding, rietvlechtwerk, wol, geweven stoffen, papier en inkt, maar vooral ook veel eten en drinken. Het is ook dé plek om mensen te ontmoeten, nieuwe vriendschappen te sluiten en te flirten. Van koopman, kunstenaar, ambachtsman tot muzikant, al het vertier vind je hier. Daarom… wanneer het jaarmarkt is, is het feest.

En ook de adel heeft zijn kampement hier opgeslagen en bereidt zich voor op de jacht. Het glas wordt geheven, terwijl dienstboden de laatste gang van het diner binnen brengen. De karaf fonkelt als de wijn uitgeschonken wordt. Deze mensen hebben het goed.
Buiten de tent klinkt tumult. De schepenen slepen een in lompen geklede man mee, die brult dat hij onschuldig is. De mensen kijken. “Waar wordt hij van beschuldigd?”, roept iemand. “Hij heeft gestroopt en is op heterdaad betrapt”, roept één van de schepenen terug. “Op zij, maak plaats, hij zal door de adel worden berecht.” Het publiek dromt dichterbij, ze willen er niets van missen.

Op het kloosterplein zingen en spelen muzikanten. Mensen dansen en klappen. Ze genieten van deze dag, de zon, het gezelschap. Even weg uit de hektiek van het dagelijkse leven, even géén mobieltje of computer. Even terug naar de basis…
Onder een boom zit stil een bedelares, haar ogen leeg, gericht op het niets.

Wat is hiervan echt, wat is er gespeeld? Wat is fantasie, wat is realiteit?
Wat neem jij mee, als je straks naar huis gaat?

Auteur: A. van der Meer
© THE TRAVELER JOURNEYS 2016